Antwerpen 1 & Lier

CARTUSIA SANCTAE CATHARINAE MONTIS SINAÏ ANTVERPIAE
1324-1543
CARTUSIA SANCTAE CATHARINAE LYRAE
1543-1783

Nomina et circumscriptiones geographicae
1. Nomina
2. Circumscriptiones geographicae
Ecclesia
Ordo
Res publica
Topographia

Fontes
1. Fontes archivales. Conspectus generalis
2. Fontes archivales. Documenta particularia
3. Fontes litterales
4. Sigilla
5. Arma

Conspectus bibliographicus
1. Index verborum
2. Conspectus cartusiensis
3. Conspectus auxiliaris non-cartusiensis
4. Internexus

Historia brevis rerum generalium

Historia interna externaque ad res administrativas, docendas, sociales vel oeconomicas

Historia religiosa

Historia intellectualis
1. Auctores
2. Bibliotheca: manuscripta
anonyma
liturgica
monachorum Antverpiensium et Lirensium
monachorum non-Antverpiensium et non-Lirensium
auctorum non-cartusiensium
ex indicibus codicum manuscriptorum
e donationibus testamentisque
3. Bibliotheca: impressa

Patrimonium
1. Aedificia
2. Artis opera
3. Relicta archaeologica

Prosopographia1
1. Religiosi per genus (index): monachi, conversi ...
2. Religiosi per officium (index): priores, procuratores ...

  • 1. Obituarium Lirense (Lier, Stadsarchief, Fonds Kartuizers van Lier, nr. 22).
    • In de uitgave van dit obituarium heeft Francis Timmermans († 2015) bovendien een kleiner obituarium, opgesteld in 1783 na de opheffing van de kartuis, dat naar eigen zeggen zonder inventarisnummer in het Sint-Gummarusarchief te Lier wordt bewaard, verwerkt door de gegevens hieruit in cursief op de toepasselijke plaatsen toe te voegen ([Timmermans 2011b]III). Echter is het hem ontgaan dat dit anonieme document onder de titel Necrologium Ordinis Carthusianorum Lyrae in voornoemd archief berust weliswaar onder het plaatskenmerk nr. 126/3 als een deel van een reeks handshriten die aan kanunnik Christophe Drymans’ († 1797) hebben behoord ([Delvaux & De Grauwe 1993a]675). Het necrologium telt 47 folios en bevat tot 1783 bijgehouden aantekeningen over overleden kloosterlingen uit de 17de en 18de eeuw die in het grote obituarium niet voorkomen.
    Ook heeft hij niet geweten dat de Antwerpse archivaris Hendrik Delvaux († 1986) onder de referentie “A.S.G.L., 1263” hieruit heeft geciteerd in zijn biografische nota’s pro manuscripto over de Lierse kartuizers ([Delvaux s.d.] : Delvaux Biografische nota’s ...). Maar vooral is aan zijn aandacht ontsnapt dat [Verbiest 1971]93-129 in overzichtelijke lijsten van monniken, conversen, reddieten, donaten en weldoeners een uitgave van dit necrologium heeft bezorgd.
    Nota bene – In de prosopografische aantekeningen over de Kielse en Lierse kartuizers wordt respectievelijk als volgt naar voormelde overlijdensberichten verwezen: [Timmermans 2011b] (groot obituarium) en Necrologium Lirense Delvaux-Verbiest (aanvullend klein obituarium).
    • Het grote obituarium bevat op het einde (fol. 140r-v) notities over de Lierse priors (ed. [Timmermans 2011b]414-416). Hieraan wordt gerefereerd uit de transcriptie van PB Anvers-Lierre 74-81 (Obituarium Lirense excerptum Palémon Bastin) die nauwkeuriger is dan de uitgegeven versie. – © Frans Hendrickx.