Burdinne

De zusters van Notre-Dame du Gard dichtbij Picquigny in het departement van de Somme in Frankrijk, daar gevestigd sinds 1870, waren ook bedreigd met uitdrijving door de wetten Combes. Ze bereidden zich voor op hun vertrek vanaf einde 1901, maar het duurde tot in oktober 1906 vooraleer ze hun klooster moesten verlaten. Intussen waren kartuizers op zoek naar een behoorlijke woonst voor de zusters. In 1903 kon het kasteel van Burdinne aangekocht worden en in oktober van dat jaar begon de verhuis van een deel van de meubels van Le Gard naar Burdinne, waar een monnik en een broeder reeds hun intrek hadden genomen. Pas drie jaar later kwamen 33 zusters in twee groepen aan in hun nieuwe verblijfplaats. Burdinne was een dorp van ongeveer 650 inwoners in het arrondissement Hoei van de provincie Luik. Het domein was bijna 3 ha groot. Het kasteel was omgebouwd tot een monialenconvent met voldoende cellen en een kapel, degelijk ommuurd. De mogelijkheid bestond om er een definitief klooster van te maken en men aanvaardde reeds in 1909 de eerste novicen. Bijna elk jaar waren er postulanten, eigenaardig genoeg meestal Italiaanse. Tijdens de Eerste Wereldoorlog waren er geen intredes; twee Duitse zusters in Burdinne zorgden ervoor dat ze niet te veel last hadden van de bezetters. In 1919 hernamen de intredes. De enige Belgische zuster trad als converse binnen in juni 1919. In datzelfde jaar was er op het generaal kapittel sprake van het verlaten van Burdinne en het vestigen van de zusters in het huis te Zepperen, dat nog steeds eigendom was van de orde. Maar in 1920 zag men er van af. In 1927 was het echter duidelijk geworden dat er moest uitgekeken worden naar een echte kartuis: de ligging van het klooster in het midden van het dorp was zeker niet ideaal. In Nonenque, departement Aveyron, was er een goed gelegen oud kasteel dat geschikt werd bevonden als nieuwe kartuis voor de monialen. In april 1928 verlieten de 24 zusters Burdinne om naar hun nieuw klooster te gaan, dat vandaag nog steeds bewoond is door de kartuizerinnen.

Literatuur
[Delbecque 2008]42 (nr. 290)
[De Grauwe 1985a]269
[De Grauwe 2005a]
[De Grauwe 2007]