Necrologie van de Utrechtse kartuizers


Volledige referentie:

H. J. J. Scholtens
Necrologie van de Utrechtse kartuizers, in: Archief voor de geschiedenis van het aartsbisdom Utrecht, 71 (1952), 97-150  
[Scholtens 1952a]

Tekstmededelingen:

Lijst van de overleden monniken en broeders

Zekere overlijdensjaren

1403, 1 april: Dirk Sloyer van Utrecht, prior
1407, 21 augustus: Hugo de Waesbeeck, donaat
1415, 6 oktober: Tydeman Graeuwert, oud-prior
1416, 31 januari: Gerrit de Grayert, convers
1417, 12 oktober: Bernardus, oud-prior
1420, 16 februari: Martinus van Schiedam, monnik
1421, 23 juni: Hendrik van Vethusen, oud-prior
1422, 16 juni: Hendrik Wit, oud-prior en vicaris
1422, 22 augustus: Dirk Rover van Doesborch, oud-procurator
1425, 27 september: Alphairt Christiaansz. van Amsterdam1
1428, 22 september: Dirk Bruyne, oud-prior
1433, 8 april: Zweder van Boecholt, oud-vicaris
1436, 24 april: Hendrik Milde van Culemborg, oud-prior
1436, 28 juli: Jacob Crom, monnik
1436, 14 december: Jan die Goede, donaat
1437, 5 januari: Jacob van Eyck, convers
1438, 4 januari: Hendrik van der Laen, oud-prior
1438, 7 maart: Otto Amelisz. van Moerdrecht
1438, 16 mei: Jan Taets, monnik
1439, 6 juli: Albertus Buer van Utrecht, oud-prior
1439, 14 december: Hugo van Woerden, monnik
1448, 15 augustus: Adam van Scoerl, monnik
1451, 8 mei: Wouter Pelgrimsz., oud-prior
1456, 24 okotber: Willem Vryman van Delft, monnik
1459, 25 maart: Herman Scorreken van Tiel, monnik
1459, 9 april: Thomas Dirksz. van Mynden, oud-prior
1459, 27 september: Warmbold van Overstege, monnik
1459, 11 oktober: Gerrit van Wercouden, monnik
1460, 3 mei: Franco Ofhuys van Delft, monnik
1460, 31 oktober: Dirk Claesz., donaat
1461, 6 februari: Hessel, Jansz., monnik
1461, 15 november: Hendrik van Doesborch, convers
1462, 15 februari: Jan Vos, oud-prior
1463, 20 augustus: Jan Albertsz., monnik
1465, 25 mei: Hector van Moordrecht, monnik
1465, 26 juni: Jacob van Zierikzee, monnik
1469, 14 maart: Dirk Claasz. van Amsterdam, monnik
1469, 31 augustus: Claas Claasz., convers
1469, 1 december: Fredericus Dirksz. van Enchusen, monnik
1470, 31 mei: Egidius, monnik van het Luikse klooster2
1472, 2 april: Hendrik Bor van Utrecht, oud-vicaris
1473: Bruno Jacobsz. van Amsterdam, monnik
1473, 7 maart: Nicolaas Gerritsz. van Haarlem, oud-prior
1473, 22 april: Hendrik van Kampen, monnik
1473, 28 augustus: Adriaan Willemsz. van Storm, prior
1474, 11 februari: Bernardus de Aqua, monnik
1475, 2 maart: Jacob Backer, oud-prior en vicaris
1475, 23 september: Ghijsbert van Wercouden, monnik
1476, 25 januari: Hendrik van Heeswijk, prior
1476, 10 februari: Jan Dobbensz., monnik
1476, 1 juni: Hendrik Symonsz. Fabri van Delft, monnik
1478, 20 juni: Jacob Scraper van Amsterdam, monnik
1481, 18 januari: Nicolaas Kerker van Amsterdam, oud-sacrista
1483, 8 januari: Jacob van Dordrecht, convers
1483, 16 juli: Laurens van Leiden, vicaris
1483, 12 november: Johannes de Clivis, alias de Stert, procurator
1484, 1 april: Gerrit Spronck van Haarlem, visitator
1484, 13 april: Pieter Claasz. van Amsterdam, monnik
1485, 30 mei: Arnold van Leiden: sacrista
1486, 6 januari: Dirk Crol van Vianen, monnik
1487, 26 september: Ghijsbert Gerritsz. Upen van Delft, donaat
1489, 1 juni: Richardus Jansz., donaat
1489, 29 oktober: Ysbrand van Zwolle, monnik
1491, 20 december: Everhardus Jacobsz., donaat
1493: Claas Berendsz., convers
1493, 20 november: Jan van Raephorst, monnik
1495, 10 november: Christiaen van der Meer van Haarlem, prior
1498, 6 mei: Dirk Graeuwert, convers
1499, 5 december: Nicolaas van 's-Gravenzande, oud-vicaris
1500, 15 januari: Garwerdus Rodolfsz., donaat
1501, 4 januari: Willem Jansz. van Leiden, oud-prior
1501, 30 maart: Simon Claasz. van Haarlem, monnik
1502, 18 september: Daniël Arnoldsz. van Vianen
1503, 9 januari: Ernestus Ghijsbertsz. van Wijc, monnik
1504: Jacob Hermansz., laicus redditus
1504, 10 juni: Jan van Bolsward, monnik
1504, 26 oktober: Otto van Wolffwinkel van Amersfoort, prior
1505, 7 juni: Lambert Claasz. Graeff van Amsterdam, prior
1506, 26 april: Hendrik Ottosz. van Utrecht, monnik
1506, 13 mei: Volquinus van Voerd van Utrecht, monnik
1508, 19 juni: Jan Jansz., donaat
1509, 25 oktober: Dirk Hendriksz. van Grol, donaat
1510, 21 juli: Arnold Maartensz. van Amsterdam, monnik
1511, 11 september: Hednrik van Bolsward, monnik
1511, 27 december: Nicolaas Campis van Amsterdam, oud-prior
1512, 7 september: Herbermus van Oij, convers
1514, 16 februari: Romerus Swaen van Amsterdam, vicaris
1514, 16 maart: Gerrit Hendriksz. van Scoeten van Amsterdam, monnik
1514, 5 september: Jacob Langedijck, monnik
1515, 6 december: Dirk van Sparendam, monnik
1517: Sander Jacobsz., donaat
1517, 6 februari: Willem Pietersz., donaat
1517, 4 maart: Alardus van Medemblik, monnik
1517, 29 april: Willem Simonsz. van Amsterdam, monnik
1517, 30 april: Jan Godfriesdsz. Stanner van Utrecht, monnik
1517, 3 mei: Herman van Amsterdam, vicaris
1517, 3 mei: Pieter van Enkhuizen, monnik
1517, 3 mei: Jacob Willemsz., donaat
1517, 8 mei: Jan Joosten van Utrecht, monnik
1517, 23 mei: Wermbold van Leiden, oud-prior
1517, 23 oktober: Dirk Doys van Amsterdam, oud-prior
1518, 17 juni: Jan Ysbrandsz. van Amsterdam, oud-procurator
1518, 29 augustus: Cornelis Jansz., donaat
1519, 14 april: Dirk Zanctes, monnik
1519, 30 oktober: Ludolphus van Groningen, monnik
1520, 11 november: Peregrinus van Amsterdam, monnik
1522, 10 mei: Jan van Zwolle, donaat
1523, 24 maart: Hendrik van Hoorn, vicaris
1523, 29 juni: Dodo van Bolsward, monnik
1524, 27 december: Jan Ysbrandsz. van Haarlem, prior
1525: Otto van Amersfoort, donaat
1525, 2 maart: Jan van Bolsward (Friso), laicus redditus
1526, 11 september: Jan van Zanden van Utrecht, monnik
1531, 12 november: Robertus Claasz. van Amsterdam, procurator
1535, 19 december: Pieter Claasz., donaat
1537, 2 september: Wemmerus Robertsz., donaat
1538, 14 februari: Vincentius Paeu, monnik
1539, 2 augustus: Cornelis van Utrecht, monnik
1540: Jan, donaat van het Geertruidenbergse convent
1540, 24 juli: Gerrit Pauwels, donaat
1540, 22 augustus: Everard Schuerman van Ede, monnik
1540, 31 augustus: Loeffridus Lantscroen, monnik
1540, 6 oktober: Pieter Zas, prior, visitator
1541: Hendrik, donaat
1544, 28 januari: Bernard van Wesel, monnik
1544, 31 januari: Jan Arnoldsz. van Utrecht, monnik
1544, 14 april: Werner Adriaansz. van Utrecht, donaat
1544, 16 september: Dirk Claasz. van Amsterdam, oud-vicaris
1545, 18 november: Volpert Hendriksz. van Grave, prior
1545, 29 december: Jacob Paeu, convers
1546, 21 juli: Jan Gerritsz. van Arendsbergen, monnik
1546, 18 november: Romerus Romeri van Grave, donaat
1549, 10 november: Ysbrand Dobbensz. van Amsterdam, monnik
1549, 18 december: Daniel Hendriksz. Taets van Amerongen, monnik
1550, 15 februari: Cornelis van Muiderberg, sacrista
1550, 6 juli: Tyman Luce, convers
1552: Herman, donaat
1554, 17 februari: Nicolaas van Weesp, monnik
1554, 13 mei: Jacob van Elpendam, monnik
1555, 9 februari: Gijsbert Rogman, monnik
1555, 16 juni: Willem Jansz., donaat
1555, 5 oktober: Willebrord van Middelburg, monnik
1555, 31 december: Egbert, convers
1556, 22 juni: Willem Richardsz., donaat
1556, 29 augustus: Nicolaas van Alkmaar, laicus redditus
1556, 16 september: Nicolaas van Kortenhoef, monnik
1556, 10 oktober: Reynerus van Amsterdam, laicus redditus
1557, 7 januari: Florens van Monnikendam, oud-prior
1557, 21 september: Anthonie Claasz. van Utrecht, donaat
1557, 27 oktober: Cornelis Dirksz. van Haarlem, donaat
1557, 7 november: Ghijsbert van Rutenborch, oud-procurator
1558, 20 maart: Jasper Jansz. Verhorst van Amsterdam, vicaris
1558, 6 mei: Joost Vlinckert van Leerdam, monnik
1559, 21 januari: Rodolphus van Oudewater, monnik
1559, 2 maart: Bernard Preys van Utrecht, procurator
1560, 7 juni: Pieter Jansz. Buijs van Schoonhoven, convers
1561, 1 mei: Jan Rodolfsz. van Zijl, oblatus
1562, 8 februari: Jan Rutgersz., oblatus
1563: Piter van Lijer, donaat
1565: Jan Gerritsz., oblatus
1567, 11 maart: Pieter Jansz., monnik
1567, 22 maart: Nicolaas van Haarlem, oud-prior
1567, 21 april: Lambert van Brienen, oud-prior
1569, 11 juli: Jan Moll, monnik
1570, 5 mei: Ghijsbert Cornelisz. Knijff, donaat
1570, 21 juli: Jan van Helmont, sacrista
1571: Gerrit van Nijmegen, monnik
1571, 13 april: Cornelis Mouthaen, monnik
1572: Gerrit Antonissen van Emmenes, convers
1572: Hendrik Lubbertsz. van Utrecht, oblatus
1572, 21 december: Claas Hendriksz. van Gouda, monnik
1573, 11 juli: Dirk Claasz. Sprenck van Maarseveen, donaat
1574, 28 februari: Thomas Clager, convers
1574, 14 juli: Gerrit Schaeff, procurator
1574, 28 juli: Dirk van Someren, monnik
1574, 9 augustus: Dirk van Meeuwen, prior, visitator
1575, 7 april: Clemens, monnik
1576: Willem Jansz. van Schoonhoven, oud-procurator
1577: Hendrik Coel, monnik
1580: Jacob, monnik
1580: Willem Claasz. van Schoonhoven, donaat
1581: Cornelis, donaat
1581, 18 februari: Jacob van Gouda, procurator
1582: Hendrik, sacrista
1587, 29 januari: Laitjen, laicus redditus of donaat
1592, 21 juni: Bartholomeus Streng van Schoonhoven, prior
1602, 10 mei: Nicolaas Huard, vicaris
1603: Petrus Ximenes (Emmenes?), monnik
1607, 29 januari, Jan Kommaker, prior
1611: Jan Jansz. Sweert, donaat
1623: Cornelis van Eyk, monnik


Onzekere overlijdensjaren

vóór 1407, 21 augustus: Ludolphus Schulte, donaat
vóór 1407, 21 augustus: Willem Over die Vecht, donaat
± 1430, 9 mei: Jan van Bueren, monnik
± 1435, 9 september: Nicolaas Coster, monnik3
vóór 1437: Jan van Lint, donaat
vóór 1437, 6 november: Christianus, donaat
± 1445: Dirk Maartensz., donaat
± 1445, 30 mei: Herman, donaat
± 1445, 3 september: Willem Pietersz. van Delft, donaat
± 1445, 10 oktober: Adriaan Arnoldsz., donaat
± 1450, 24 november: Gerardus de Clivis, monnik4
± 1451: Johannes Mulsor, donaat
± 1451, 27 september: Jan van Haeften, convers5
± 1457: Gerrit van Delft, monnik6
± 1457, 23 februari: Joannes de Clivis, clericus redditus7
± 1457, 28 april: Dirk Willemsz. Ruysch, monnik8
± 1457, 13 augustus: Jan Rembrandt, convers9
± 1460, 5 januari: Heymericus, convers
± 1469, 29 juli: Jan Symonsz., laicus redditus
± 1483, 30 november: Claas Dirksz. van Amsterdam, procurator
± 1483, 1 december: Hednrik van Hoorn, vicaris
± 1488, 20 september: Jan Pietersz. van Delft, monnik
± 1489, 8 april: Jacob Pietersz., donaat
± 1490, 23 april: Hendrik Gijsbertsz., donaat
± 1498: Jan Simonsz., redditus laicus

  • 1. Hij stierf te Utrecht tijdens een oponthoud aldaar.
  • 2. Overleed als hospes te Utrecht.
  • 3. Vóór 24 april 1436 overleden.
  • 4. Overleden tussen 15 augustus 1448 en 15 november 1451.
  • 5. Overleden tussen 15 augustus 1448 en 24 oktober 1456.
  • 6. Overleden tussen oktober 1456 en september 1459.
  • 7. Overleden tussen oktober 1456 en september 1459.
  • 8. Overleden tussen 24 oktober 1456 en 27 september 1459.
  • 9. Overleden tussen oktober 1456 en september 1459.