Nicolaus Helminey

Nicolaus Helminey wordt in de literatuur soms gelijkgesteld met Nicolaus Oem als een variante lezing op zijn naam. Niettemin zijn het twee verschillende kartuizers die wel gemeen hebben dat ze beiden het Antwerpse kartuizerklooster op Het Kiel hebben bestuurd. Deze verwarring vindt misschien haar oorsprong in de mededeling van Palémon Bastin († 1933) die in zijn overzicht van de Kielse priors bij de notitie over Nicolaus Oem ervan uitgaat dat Charles Le Couteulx († 1715) in het laatste deel met de indexen op zijn Annales deze moet bedoeld hebben, waar hij verwijst naar “Helminey (Nicolaus), quondam Prior Antwerpiae, moritur, VII1, 413”. Nicolaus Oem, die herkomstig was van Bergen-op-Zoom, oefende vóór zijn priorsambt de functie van procurator van het Sint-Catharinaklooster uit, getuigen zijn eerste en laatste vermelding in akten respectievelijk gedateerd op 16 maart 1349 en 17 april 1350. Hij wordt voor de eertse keer prior genoemd in een akte van 24 sepember 1351. Hij stierf tijdens de uitoefening van zijn bestuur op 13 november 1360.

Nicolaus Helminey was een monnik van de Grande Chartreuse. Alhoewel zijn naam in geen enkele officiële akte voorkomt, kan men uit een annotatie in het rentenboek van 13832 afleiden dat hij na 1386 de taak van prior heeft opgenomen. Hoelang hij prior is geweest weet men niet. In het obituarium van de Lierse kartuis wordt zijn overlijden gedagtekend op 13 april. Volgens Le Couteulx is hij gestorven ca. 1389. Daar Henricus Even, die hem als prior is opgevolgd, in het begin van 1390 nog procurator was, mag men stellen dat Helminey gestorven is op 13 april 1390. In de Lierse obituaria3 wordt hij ‘Helminc’ en ‘Hellinck’ genoemd, in het Brusselse calendarium staat hij genoteerd als ‘Helmincq’. Hij is één van de twee kartuizers uit de 14e eeuw die literair bedrijvig is geweest.4 De voornoemde necrologische aantekeningen berichten over hem dat hij multa bona scripsit hic et in Carthusia c.q. in utraque domo multa bona scripsit. Evenwel treft men zijn naam niet aan in de catalogus van de kartuizerauteurs door Theodorus Petreius († 1640) in 1609 gepubliceerd. Om een onduidelijke reden verbindt Le Couteulx zijn naam onder de schrijfwijze van ‘Gelmineus’ aan de auteur Nicolaus ‘Geliminius’ in Petreius’ bio- bibliografie van de Orde. De genaamde kartuizer, uit Zwitserland herkomstig, maar geboren in Konstanz, zou, volgens informatie verschaft door kartuizers uit het klooster van Würzburg, een Formula spiritualium exercitiorum, sive mediationum hebben geschreven ten gunste van de novicen. Hiervan verscheen in 1567 een druk in een quartoformaat. Maar meer kon Petreius hierover niets vertellen. Le Couteulx, die Petreius navertelt, benadrukt dat uit het opgegeven jaartal moet blijken dat het geen geschreven tekst betreft. De bekende kartuizerhistoriograaf James Hogg († 2018) is van mening dat de druk, ruim geïnterpreteerd, waarschijnlijk in Beieren is uitgegeven op grond van het feit dat voormelde inlichting kwam uit een kartuis in deze regio gelegen. Alleszins is de druk niet teruggevonden in de inventaris van de Lierse kartuizerbibliotheek opgesteld bij de afschaffing van het klooster in 1783.5

Biblio: Prosopo Index omnium Cartusiensium: Cartusiani N

© Frans Hendrickx6

  • 1. Lees: VI.
  • 2. Zie http://www.cartusiana.org/node/7043 s. v. Antwerpen Rijksarchief > Abdijen en kloosters... > Archief van het klooster van de Kartuizers... > nr. 2 : Rentenbeoken > 2.
  • 3. Zie http://www.cartusiana.org/node/3476, waar het probleem van hun handschriftelijke overlevering wordt gesteld.
  • 4. De andere is Arnoldus Sleepstaf.
  • 5. J. Machiels, Inventarissen van kloosterbibliotheken door Jozef II afgeschaft en aanwezig op het Algemeen Rijksarchief (nrs. 96-121), dl. 2, Brussel 2000, 1755-2046 (= Algemeen Rijksarchief en Rijksarchief in de Provinciën. Reprints, 169).
  • 6. Herziene versie van [Hendrickx 1984e]88.