Spiritualiteit en Theologie

Algemeen

[Baroffio 1976]
[Blüm 1983b]
[Bösen 1987]
[Bruce Lockhart 1999]
[Bruce Lockhart & Laroche 1990]

[Davy 1972]
[Du Moustier 1950]
[Du Moustier 1965]

[Hogg 2005b]
[Houtepen 1960]

[Köpf 2002]

[Mursell 1988]
[Mursell 1990]

[Nabert 2001]
[Nabert 2002]
[Nissen 2003b]

[Pansters 2014c]
[Peeters 2007] besproken in een interview met de auteur door [Van Lierde & Peeters 2007]
[Peeters 2010a] in het Frans vertaald uit [Peeters 2007]

[Roth 1991]

[Thir 2012]

Bijzonder

Affectus
[Ruello 1981]

Armoede
[Baier 1984a]
[Bligny 1951]
[Chartreux 2004b]

Ascetisme
[Hogg 2017a]

Bijbel
[François 2006]
[Mielle de Becdelièvre 2002]
[Mielle de Becdelièvre 2003]
[Mielle de Becdelièvre 2004a]
[Mielle de Becdelièvre 2004b]
[Mielle de Becdelièvre 2014]

Bouwkunst
[Hollenstein 2001]

Cella
[Düsterdick 2006]
[Nabert 2000]
[Nissen 2008]

[Rieder 1997]

Christus
[Chartreux 2005]
[Chartreux 2006]
[Mercier 2015]

Contemplatie
[Pradié 2003]
[Durand 2003]
[Hogg 2007c]

Contemptus mundi
[Donadieu-Rigaut 2005a]

Cura animarum
[Gillespie 1989]

Devotio
[Kwiatkowski 2013a]

Discretio
[Martin 2000]
[Pansters 2003]

[Pansters 2003]
[Pansters 2013]
[Podlech 2002]

[Roth 2001a]

Dood
[Baier 1987a]
[Wendling 2015]

Eenzaamheid
[Barrier 1981]
[Knibbe 2012]

[Chartreux 2007b]

[Hannan 1960]
[Hocquard 1948]
[Hocquard 2017]

[Nissen 2001]
[Nissen & Hofland 2007]
[Nissen 2008]

[Pansters 2009b]
[Peeters 2003]

[Theeuwes 2001]

[Van Dijk 2003]

Eucharistie1
[Pradié 2015]
[Stoelen 1967]

Exempla
[Sulpice 2010]

Gebed
[Achten 1989]
[Poisson 2017]

[Chartreux 2003a]

Gehoorzaamheid
[Baier 1984a]

Getijden
[Becker 1971a]

Gulden Brief2
[De Bruijn 2001]

[Willeumier-Schalij 1950]

Heiligheid
[Hannan 1960]
[Martin 2003]

Incarnatie
[Conway 1976]

Intellectus
[Ruello 1981]

Kuisheid
[Chartreux 2004a]

Lichaam van Christus
[Nabert 2015]

Lijden
[Baier 1977]

Maria
[Autore 1898]
[Gourdel 1952]
[Ritchey 2015]

[Wienand 1983b]

Meditatie
[Brantley 2007]
[Chalamet 1998]

Mirakels
[Ritchey 2015]

Moderne Devotie
[Achten 1992]

[Gooskens 2013]
[Gründler 1984]

[Hogg 1983]

[Van Dijk 2007]

Moraal
[Maginot 1968]
[Vandenbroucke 1966]

Officie
[Baier 1982]

Onderscheid der geesten
[Pierce 2003]

[Weismayer 1988]

Onzevader
[Nyberg 2002]

Pastoraal
[Molvarec & Gaens 2013]

[Ward 1991]

Priesterschap
[Laporte 2017]

Propositum3
[Nabert 2007b]

Psalmen
[Achten 1984b]

Relikwieën
[Sanderus 1735c]

Rozenkransgebed
[Klinkhammer 1983b]

Sacrament
[Zuidema 2007]
[Zuidema 2009b]

Theologie
[Mursell 1988]

Verbeelde spiritualiteit
[Brantley 2006]

Visioenen
[Mangei 2002]

[Sargent 1981]

Vroomheidsbewegingen
[Achten 1991]

Vrouwen
[Bauer 1995]

Wolk van Niet-Weten
[Clark 1990]
[Clark 1993]

[Englert 2001]

[Hogg 1988c]

  • 1. Zie ook bij Liturgische vieringen onder "Mis".
  • 2. Alhoewel Willem van Saint-Thierry († 1148) geen kartuizer was, heeft hij niettemin zijn stempel gedrukt op de spiritualiteit van de orde. Hij trad tussen 1100 en 1105 in bij de benedictijnen van Saint-Nicaise te Reims en werd in 1121 abt van Saint-Thierry (tot 1135) in de nabijheid van dezelfde stad. Intussen ontwikkelde hij een vriendschap met de cisterciënzer Bernadus van Clairvaux († 1153). In 1135 werd Willem cisterciënzer te Signy, waarvan hij de stichtingsakte in dat jaar mede had ondertekend. Over zijn contact met de kartuizers schrijft de jezuïet Paul Verdeyen het volgende: "Willem kwam in contact met deze vrij recente en originele kloosterstichting dankzij de eerste stichting van de Chartreuse in Noord-Frankrijk: het kartuizerklooster van Mont-Dieu in de Franse Ardennen, 23 kilometer ten zuiden van Sedan. De eerste monniken van deze gemeenschap kwamen in 1136 uit het moederklooster van Chartreuse. Bisschop Sanson van Reims bevestigde de stichting in 1142 en hij kwam de eerste kerk inwijden in 1144. Het bezoek van Willem vond plaats in het jaar 1143 ... In 1144 was Willem zo bevriend met prior Haymo, dat hij hem zijn bekendste geschrift kon aanbieden: de Brief aan de broeders van Mont-Dieu ... Het kartuizerklooter lag ongeveer vijftig kilometer ten oosten van Signy. Wij moeten veronderstellen dat Willem een hele tijd bij de kartuizers te gast is geweest ... Voelde Willem het verlangen om kartuizer te worden? De vraag is niet uit de lucht gegrepen want Willems vroegere abt, Joran van Saint-Nicaise, eindigde zijn leven als kartuizer te Mont-Dieu. Er bestaat geen enkele aawijzing dat Willem een gelijkaardig verlangen koesterde ... Het hoeft dus niet te verwonderen dat Willem een tijdlang te Mont-Dieu vertoefde. In ieder geval lang genoeg om de kluizen goed te kennen en ook de levenswijze van die nieuwe kluizenaars ... Op het einde van zijn leven heeft Willem al zijn geschriften aan de kartuizers van Mont-Dieu toevertrouwd. Zo staat het uidrukkelijk vermeld in het voorwoord van de Gulden Brief. Willem geeft daar ook bijna de volledige lijst van zijn geschriften ... Naast de begijnen zijn zij wel de trouwste lezers gebleven van Willem. Zij hebben aandacht opgebracht voor de zuivere tekst ... De Gulden Brief heeft hun spiritualiteit blijvend getekend en zij hebben veel inzichten van Willem doorgegeven aan de Moderne Devotie ... Deze brief vat zo goed de westerse spiritualiteit samen, dat hij door Mabillon Gulden Brief (Epistola aurea) werd genoemd ... Het succes van deze brief is grotendeels te danken aan het feit dat hij zeer lange tijd aan Bernardus wer toegeschreven. Hij biedt een overzicht van de geestelijke groei en ontwikkeling en daarom wordt de lezing ervan dikwijls aan de novicen opgedragen ... Elders onderstreept Willem het belang van de geestelijke lezing. Benedictus noemde dit de lectio divina. Het koorgebed alleen volstaat niet voor een gezond geestelijk leven. Gemeenschapsgebed en persoonlijke lezing moeten elkaar aanvullen en bevruchten". — Paul Verdeyen, Willem van Saint-Thierry en de liefde. Eerste mysticus van de Lage Landen, Leuven, 2001, p. 48-51, 76-78.
  • 3. Roeping.